Korte kinderverhalen

Parels van liefde om door te geven

Korte voorlees kinderverhalen voor onze 'kleine parels'

 

 

De klas van juf Fatima

 

Juffrouw Fatima friemelt wat aan haar hoofddoek en leest de laatste regel voor van het spannende verhaal dat ze nog geen tien minuten geleden was begonnen. Alle kinderen waren muisstil in de klas, maar zodra ze klaar is  beginnen de kinderen door elkaar heen te praten. Joachim steekt als enige zijn vinger in de lucht.

De juf klapt in haar handen en telt daarbij één....twee.....drie. Bij drie vraagt ze of alle kinderen even stil kunnen zijn. Zo kan iedereen luisteren wat Joachim wil gaan zeggen.Verlegen steekt Joachim van wal: 'Juf…..mijn moeder die heeft ook een keer een echte boef gepakt hoor. Alleen duurde het wel wat langer voordat ze hem hadden gepakt dan in dit verhaal.' Achmed begint hard te lachen en zegt: ‘ Aah joh, dat kan toch helemaal niet, boeven die worden gepakt door de politie, niet door moeders. ” Alle kinderen lachen met hem mee, maar Joachim is opeens niet meer zo verlegen en zegt luid; '' Maar mijn moeder is bij de politie hoor.' Alle ogen zijn opeens op Joachim gericht en weer is het muisstil in de klas. ' Wil je er misschien wat meer over vertellen Joachim? ' vraagt Juf Fatima. 'Nou…eh ik weet niet alles hoor, wante… mijn mama mag niet alles zeggen, dat mag niet als je bij de politie werkt.' 'Heeft jouw moeder dan ook een donker pak met een pet' vraagt Kaylee.'Nee – ee, zegt Joachim, 'ze hoeft geen pak aan, maar ze heeft wel een pistool en ze spoort sommige boeven op, ze zit bij het re-zes-se-team.' 'Het recherche team bedoel je? ', zegt de juf. Joachim knikt naar de juf. Ze merkt dat sommige kinderen onder de indruk zijn van het verhaal van Joachim. Sommige kinderen hadden niet verwacht dat moeders ook nog iets anders kunnen zijn dan alleen maar moeder. Misschien denkt ze, is het een idee om hier in de klas iets leuks mee te doen. 'Morgen,' zegt ze, ' is het woensdag, morgenmiddag zijn jullie dus vrij. Maar…… toch wil ik jullie iets vragen om dan te doen voor mij. Willen jullie dat? '

Natuurlijk willen ze dat allemaal.  'Ik weet wat we gaan doen juf, roept Eldert. We moeten zeker bladeren en kastanjes zoeken voor de herfsttafel.'  'Dat mag natuurlijk ook'', reageert 
 de juf, want die gaan we inderdaad ook nog deze week maken.

Maar ik zal het heel leuk vinden als jullie morgenmiddag, allemaal een mooie tekening zou willen maken, van iemand die je kent. Bijvoorbeeld iemand uit je buurt of misschien wel in je eigen familie. Iemand die voor jou , een leuk, bijzonder, gek of misschien wel raar beroep heeft. Ik wil dus een tekening waarop ik kan zien welk beroep die meneer of mevrouw heeft. Donderdag morgen mogen jullie de tekeningen dan bij mij in leveren en zal ik ze in de klas ophangen. Het kring gesprek van, donderdagmorgen zullen we dan voor één keer verplaatsen naar donderdagmiddag en kunnen we hier dan met zijn allen verder over  praten.’ ‘Ik doe mijn moeder, roept Ashwin, zij werkt ’s avonds. Als iedereen naar huis is gaat zij met mijn tante een groot kantoor schoonmaken.' Alle kinderen beginnen tegelijk weer door elkaar te praten. Juf Fatima laat ze even hun gang gaan maar klapt dan weer tot drie in haar handen, en zegt:  'Ik vind het fijn dat jullie zo enthousiast zijn en ben dan ook erg benieuwd naar de mooie tekeningen die ik van jullie ga krijgen. Nu gaan we heel stil onze jassen op de gang halen en komen we terug bij onze stoel om hem aan te doen en wie klaar is gaat op zijn stoel zitten, met zijn mond………, ze maakt een draaiend gebaar bij haar mond. Rowan springt van zijn stoel en roept: “Op slot!' 

Die donderdagmorgen is het een drukte van jewelste in de klas van Juf Fatima. Iedereen wil als eerste zijn tekening aan haar laten zien. De juf zegt daarom tegen alle kinderen dat ze de tekening op haar bureau mogen leggen. Daarna moeten ze weer terug in de kring voor het kringgesprek. Later die ochtend hangt de juf de tekeningen mooi op, zodat iedereen ze in de klas kan zien. 'Vanmiddag’, zegt de juf, “ mogen de kinderen die durven hun verhaal bij de tekening aan de klas vertellen.'

Als het middag is, is de klas vol gehangen met mooie tekeningen van de kinderen. De ene is nog mooier dan de andere. Ook zitten er een paar tekeningen bij met het zelfde beroep. De juf noemt Beatrijs  haar naam en vraagt  of ze wat over haar tekening kan zeggen. ‘Ik heb mijn tante getekend .’ zegt Beatrijs, zij rijdt in een vrachtauto, en werkt bij intra-tuin en ze vervoert heeeeeeeeel veel bomen en planten van de veiling naar de winkels van intra-tuin. Uit haar ooghoeken ziet de juf dat sommige jongens denken: dat kan helemaal niet,  Bart reageert dan ook op dit verhaal met …….. 'een vrouw op de vrachtauto? ' Beatrijs knikt hem vastberaden toe en zegt: 'Echt wel..., ja hoor dat kan.’

De tekening van Joppe verteld weer een heel ander verhaal. Hij heeft zijn moeder getekend in een lange witte doktersjas en een stethoscoop bungelt om haar nek. ‘Mijn moeder is dokter in het ziekenhuis zegt hij en ze is keel, neus en oorarts,’ zegt hij trots.

 ‘En soms moet ze ook ope….leren, dan lepaleert ze oren en doet ze daar buisjes in maken of ze  knipt met een schaar keelamandelen weg, en dan mogen de kindjes daarna lekker veel koude ijsjes eten.’  ‘Mmm. Mm,  jammie, jammie,’  zegt Bennie die naast hem zit en maakt met zijn hand een zwaaiend gebaar bij zijn oor. ‘Ja, zegt Joppe, dan doet het plek achter in de keel, en hij wijst met zijn wijsvinger in zijn open mond, waar ze de amandelen hebben weggeknipt niet zo zeer, zegt hij.' ‘Waar zitten die dan? ', vraagt Bennie. ‘Achter in je kee…..eeel.' Joppe doet nog een keer zijn mond heel wijd open voor Bennie. ‘Zie je ze nou?’ vraagt hij tussendoor. ‘Als je heel goed kijkt zie je achterin je keel twee grote bulten zitten, bij ieder keelgat één. Als iemand heel vaak en veel verkouden is kunnen die gaan ontsteken en dan worden ze rood en opgezwollen en heb je pijn met slikken. Heel soms worden ze daarom weggehaald. ‘Ooh,’ zegt Bennie een beetje bedrukt, hij vindt het maar niets, gelukkig is hij niet zo vaak verkouden.

De volgende tekening die juf Fatima wilt laten zien is van Vincent. Hij heeft zijn vader getekend in een soort straaljager.

‘Wow, dat is cool’, roepen een paar stoere jongens tegelijk. ‘Dat is mijn papa,’ zegt Vincent trots en zijn ogen beginnen te stralen, ‘hij werkt bij de luchtmacht militairen  en gaat soms met zijn straaljager naar landen waar oorlog is om te vechten, of om de mensen die daar wonen te helpen.’ Er zijn gelijk weer een paar kinderen die wat te vragen hebben.’ Hoe hard kan die eigenlijk?’ vraagt Sebastiaan. ‘Nou dat weet ik eigenlijk niet goed,’ zegt Vincent. ‘Papa zegt altijd tegen mij dat zijn straaljager harder gaat dan het geluid. Dus als je naar boven kijkt als je een straaljager in de lucht hoort, dan is hij eigenlijk al veel verder weg dan boven je hoofd. Je ziet hem vaak  niet eens maar je hoort wel het harde geluid. Je weet dan ook dat het om een straaljager gaat.’ 'Ben je wel eens met je papa mee geweest in de straaljager?’ is de volgende vraag van Trijske.  ' Nou…eh, zegt Vincent aarzelend, ‘ik zou best willen hoor, maar mijn mama  vindt me nog een beetje te klein enne… papa weet ook niet of dat wel mag, als ik groter ben dan gaat hij dat  een keertje aan zijn baas vragen en dan mag ik misschien wel een keertje mee. 'Oh.. dat is kik', roepen alle jongens. 

Als alle kinderen zijn of haar verhaaltje bij de tekening hebben verteld, is het al weer bijna tijd om naar huis te gaan. Juf Fatima ziet dat het zonnetje buiten schijnt en zegt tegen de kinderen: ‘wat een mooie verhalen, fijn dat we vandaag weer wat van elkaar hebben geleerd.’ omdat jullie allemaal zulke mooie tekeningen hebben gemaakt en ook nog eens met hele mooie verhalen erbij, mogen jullie nu je jas gaan pakken en gaan we met zijn allen nog eventjes buitenspelen’. 'Yes ..., weer een verassing,' merkt Diederik op. ‘Zo is het maar net,’ zegt juf Fatima, maar voor van de week........ zijn de verrassingen echt op!'

Bertha de Bruin Klop                            

Bauke en Niels bouwen een hut

In de tuin van Bauke wordt druk gewerkt. Er ligt hout op het grasveld, spijkers, een hamer en ook nog een kleine zaag. Bauke mocht niet de grote zaag van zijn papa. ‘Veel te gevaarlijk voor jullie,’ had hij gezegd. Niels had gelukkig nog een kleine zaag  ergens in zijn schuur liggen en heeft deze toen gehaald. Nu zijn ze druk bezig, tussen twee grote planken timmeren ze elke keer een plankje. Niels zaagt het hout in gelijke stukken en Bauke timmert ze aan elkaar. Zijn knieën zijn groen geworden van het gras maar dat hindert niet het is toch een oude broek had mama gezegd.

Bauke en Niels zijn twee dikke vrienden thuis en op school. Al weken lopen ze met het idee om op een keer een mooie hut te maken maar er was één probleem: er was geen hout. Gelukkig had de papa van Bauke een goed idee. ‘Weet je wat’ had hij gezegd, ‘ik vraag aan oom Frans of hij voor ons op de timmerfabriek afvalhout wil verzamelen’. ‘Jaa,’ had Bauke geroepen, ‘dat is een goed idee papa’, en hij had spontaan een vreugdedansje gemaakt.  Afgelopen zaterdag was het dan eindelijk zover, Niels en Bauke mochten beiden met de papa van Bauke mee naar de fabriek waar oom Frans werkte. Tsjonge jonge dat was me wat. Niels mocht daarom vrijdagnacht bij Bauke slapen want de papa van Bauke wilde al om acht uur weg gaan.

Oom Frans woonde een aardig eindje van hun vandaan, het was bijna zo’n drie kwartier rijden. Daarna moesten ze het hout nog inladen en weer drie kwartier terug rijden. Ze hadden al om elf uur terug kunnen zijn maar oom Frans had Niels en Bauke nog wat van de machines in de fabriek laten zien. Er waren veel machines te zien in de fabriek en Bauke en Niels hadden aandachtig geluisterd als oom Frans uitlegde waar alle machines voor diende. Sommige machines waren heel gevaarlijk. Oom Frans vertelde dat als je niet goed uitkijkt, je zo je vingers afzaagt. Hij had daarbij zijn hand in de lucht gestoken en liet zijn drie vingers en twee halve vingers zien. Niels had met open ogen naar oom Frans gekeken en geroepen: ‘oooh, dat deed zeker wel pijn?’ ‘Ja, dat deed zeker veel pijn,’ zei oom Frans, het bloedde ontzettend hard, met een theedoek uit de kantine om mijn vingers heen, hebben ze me naar het ziekenhuis gebracht, maar mijn vingers konden er niet meer door de dokter worden aangenaaid’. ‘En waar zijn je vingers dan gebleven?’ zei Bauke. ‘Gewoon in de vuilnisemmer van het ziekenhuis,’ had oom Frans geantwoord. Het was toen even stil geworden, dat vonden de beiden vrienden toch wel een beetje gek. ‘Ja waar anders,’ had oom Frans er nog achteraan gezegd.

Na de rondleiding reden ze terug naar huis, de aanhangwagen die papa achter zijn auto had hangen zat aardig vol hout. Bauke en Niels waren helemaal vol ideeën over hoe en waar ze de hut zouden maken. Toen ze thuis aankwamen had mama heerlijke tomatensoep met gehaktballen en een broodje knakworst klaar staan.  ‘Ha, daar zijn mijn timmermannen,’ had mama gezegd, ‘voordat jullie aan de slag gaan met timmeren, eerst maar eens lekker eten.’ Na het eten hadden ze met elkaar het hout opgestapeld en in de hoek gelegd. De kleine en grote planken ieder apart op een stapel. De vader van Bauke had eerst een voorbeeld getimmerd en daarna gingen Bauke en Niels zelf aan de slag. Ze waren zo inspannend bezig dat ze alles om hen heen vergaten. ‘Ik zie twee kleine hondjes op het gras’, zei mama terwijl ze naar Bauke en Niels keek. ‘Huh’, Niels keek verbaasd van zijn zaagwerkje op. ‘Ja kleine hondjes hebben ook altijd hun tongetjes buiten hun bekkies hangen, net zoals ik net bij jullie zag.’  ‘Leuk hoor mam, maar je kan ons toch niet met honden vergelijken,’ zei Bauke terwijl hij een volgende plank pakte om verder te timmeren. Au, dat was m’n vinger,’ Bauke stak zijn vinger in zijn mond en sloeg hem daarna nog even uit. Hij had niet lang tijd om aan zijn vinger te denken, want straks zou papa nog even komen kijken, en als ze een heleboel delen klaar zouden hebben zou papa hen nog even helpen om de hut in elkaar te zetten. Op dat moment konden beiden vrienden niet lang wachten. Wat was er nou leuker om in je zelfgemaakte hut te zitten?

Toen papa er eindelijk aan kwam hadden ze al heel veel delen in elkaar getimmerd. Papa hielp hen om de delen aan elkaar te zetten met andere stukjes hout, deze werden aan de achterkant van de delen getimmerd. Voor het dak had papa zelf nog wat hard boord in de schuur liggen. Er ontbrak nu alleen nog een deur maar daar had papa ook wat op gevonden. In de schuur had hij nog een oud deurtje van een aanrechtkastje staan, er zaten zelfs nog een paar scharnieren aan, daarmee maakte papa het deurtje vast aan het hout. Vol trots kijken Bauke en Niels naar hun zelfgemaakte hut.

‘Nou, zegt papa met een tevreden blik als hij klaar is, is dit cool of is dit cool?’ ‘Cool?’ roept Niels, ‘dit is super tof man.’ Ja, en super vet, vult Bauke lachend aan. ‘Nou, zegt mama, die met een lekker koud glas limonade aan komt lopen, omdat jullie ondertussen wel weer honger zullen hebben, zal ik de frietpan maar vast aanzetten, dan kunnen jullie zo lekker in die hut van jullie, frietjes eten.’  ‘Jottum,’  roepen Niels en Bauke tegelijk. Het feest is bijna compleet op een lekker .........                                  na.

 

Bertha de Bruin Klop

 

Cup cakes maken

              

Het is een regenachtige woensdagmiddag, Kirsten zit met haar handen onder haar hoofd en kijkt sikkeneurig naar buiten. Bah, denkt ze in zich zelf, vanmiddag komt Birgit spelen en nu regent het nog ook. Ze hadden afgesproken om vanmiddag buiten een tent te gaan maken, dat konden ze met dit weer natuurlijk wel vergeten. ‘Dan maak je hem toch binnen,’ had moeder gezegd. Maar Kirsten wilde daar niets van weten, ze had haar zinnen zo op buiten spelen gezet, dat ze nu niets meer binnen wilde doen. Nog even boos keek ze naar buiten waar de regen met bakken uit de hemel viel. Op de glasplaat van de buitentafel zag je de regendruppels met een smak neerkomen en wegspatten. Dat was wel mooi om te zien vond ze. Ze schrok op van de telefoon die overging, ze rende er naar toe en zei enthousiast; ‘hallo met Kirsten Verburg’. ‘Hallo Kirsten, met Birgit hier, jammer hé, dat het regent, nu kunnen we geen tent buiten maken.’  Ja, dat kan je wel zeggen, weet jij nog iets wat we kunnen gaan doen?’  ‘Nou,’ zei Birgit, daarom belde ik je juist, mama stelde voor om cup cakes te gaan maken, heb je zin om mee te doen?' Dan kunnen we ze daarna ook nog leuk gaan versieren. ‘Ja---ah,’ riep Kirsten blij en meteen was haar boze bui verdwenen. ‘Ik pak mijn jas en ik kom naar je toe, doeiiii tot zo.’ Vliegensvlug rende ze naar de gang en griste haar jas van de kapstok. ‘Ho, ho, ho’, riep moeder haar toe, ‘waar ga je in die hoosbui naar toe?’. Birgit heeft gebeld, dat ik bij haar cup cakes mag komen maken, cool he mam?’  ‘Nou dat is zeker leuk voor je, ik ben blij dat je boze bui weer is overgewaaid, maar buiten daar in tegen is het nog wel slecht weer hoor. Als je nu naar Birgit gaat ben je door en door nat.’ Nee, hoor, niet als je een regenjas, kaplaarzen en een paraplu opzet.’ ‘Dat is waar’, lachte moeder, ze wist dat Kirsten dol was om in haar regenjas, kaplaarzen en paraplu buiten te lopen. ,Nou toe maar dan. Ik help je even in je kleren en pak je paraplu.’

Even later liep Kirsten in de regen naar Birgit toe, die twee straten verder woonde. Nog steeds regende het pijpenstelen, af en toe greep de wind haar paraplu en blies hem andersom. Er lagen grote plassen op de grond, door sommige plassen liep Kirsten gewoon heen, ze werd toch niet nat met haar laarzen aan. ‘Het regent, het regent, de pannetjes worden nat,’ zong ze uit volle borst.’ Ze vond het geweldig om met haar regen-outfit in de regenbui te lopen. Nog even de steeg door en ze was bij Birgit. Birgit stond al voor het raam op haar te wachten en snelde naar de deur toen ze Kirsten aan zag komen. ‘Leg die natte spullen maar even in de garage,’  zei de moeder van Birgit, ‘dan kunnen ze daar drogen.’

Birgit haar moeder had de ingrediënten voor de cup cakes al klaar gezet, samen met een grote mengkom en een mixer. Ze las hardop voor wat Kirsten en Birgit één voor één in de kom moesten doen. Toen alles bij elkaar was gemengd moesten ze nog één minuut alles op de hoogste stand door elkaar kloppen. Daar na gingen ze met twee lepels het beslag in de vormpjes doen. Nou, nou dat was me het klusje wel, en ook nog eens een heel precies werkje. Met hier en daar wat klodders beslag naast de vormpjes was het klusje eindelijk geklaard en konden de cup cakes gebakken worden in de voorverwarmde oven. Na vijf minuten begon het al heerlijk te ruiken in de keuken. Kirsten en Birgit gingen elke keer kijken voor het ruitje van de oven of de cakejes al groot en bruin werden. Eindelijk was het dan zover de wekker van de oven ging af. Dat was het teken dat de cup cakes  klaar waren. ‘Nu laten we ze afkoelen en gaan we ondertussen versieringen voor de cakejes maken.’  zei de moeder van Birgit. ‘Yes,’ riepen ze alle twee. ‘Ik pak het plastic tafellaken en de versieringen,’ zei Birgit. ‘Dat is goed,’ zei haar moeder, ‘dan pak ik de marsepein en de deegroller even.’ Toen ze terug kwam met de spullen konden Kirsten en Birgit beginnen. Ze maakten hele mooie versieringen op de cup cakes van marsepein, strooisels van parels, hartjes en confetti. ‘Ik zal jullie leren hoe je een piepklein roosje maakt voor op een cup cake,’ zei Birgit haar moeder. ‘Kijk, je pakt een stukje rood marsepein en je draait er een balletje van, ongeveer zo groot als een soepballetje. Dan leg je het op de tafel en rol je met de onderkant van je hand een soort lang slangetje, dan druk je met je vinger het slangetje plat zodat het lijkt of er een lint op tafel ligt. Het einde van het lint vouw je in een rondje naar binnen en je begint het lint van voor naar achter in het rondje te rollen. Als je goed kijkt zie je dat je een klein roosje hebt gemaakt. Als je er nu nog met groen marsepein drie blaadjes ondermaakt lijkt het net echt, zie je wel?' ‘Oooohh, dat is mooi dat lijkt echt op een klein roosje,’ zei Kirsten, ‘dat ga ik ook proberen.’ ‘Ieder mag zes cup cakes versieren, he mam?’ Birgit keek haar moeder vragend aan. ‘Ja, zei haar moeder, ‘en dan mag jij er zes uitdelen en Birgit mag er zes uitdelen. ‘Wow, riep Kirsten, vanavond bij de koffie één voor mama, één voor papa, één voor Justin, één voor Carlijn en één voor mij.’ ‘Dan heb je er nog één over hoor, ’zei Birgit. Kirsten knikte en zei: ‘ja, dat klopt, maar die geef ik morgen aan Oma Verburg want die is morgen jarig en die ga ik daarom extra mooi versieren.’  Niet lang daarna waren ze met het versieren van de cup cakes klaar, en o, wat was het resultaat mooi geworden. De cup cakes waren om het zo maar eens te zeggen echt om op te eten. Jammer dat het nog geen vanavond was. Nog even volhouden en dan.... zouden ze hun tanden er in gaan zetten.

Bertha de Bruin Klop

 

 

Een spannende dag

Heel in de verte hoort Tom zijn naam roepen. ‘Tom’, hoort hij heel zachtjes en voelt daarbij dat er iemand aan zijn arm schudt. Tom knijpt  nog heel even zijn oogjes dicht voordat hij ze open doet, hij ziet papa aan zijn bed op zijn hurken zitten. ‘Wakker worden Tom, vandaag is het eindelijk zover en wordt je kleine broertje of zusje geboren.’ Tom is met één klap wakker en zit rechtop in zijn bed. ‘Yes’, eindelijk’ roept hij blij. Dit is de dag waar hij zolang naar heeft uitgekeken, het wachten heeft zolang geduurd. Bezorgd kijkt hij papa aan. ‘Waar is mama nou’?. Geen zorgen Tom, die ligt nu in bed de dokter is even bij haar om te kijken of alles goed gaat. Hij heeft gezegd dat vandaag de baby geboren gaat worden. ‘Ooh,’ zegt Tom, mag ik ook nog even naar haar toe?’ Papa geeft hem een aai over zijn bol en zegt: ‘Als de dokter weg is mag jij ook nog even naar haar toe. Okay?’ Hij loopt naar de klerenkast van Tom en zegt: Welke kleren wil je vandaag aan?’‘Kom er eens even bij knul en kies zelf maar eens iets leuks uit.’ Tom heeft al gauw gezien wat hij aan wil doen en pakt de kleren om zich snel aan te kleden. In een mum van tijd is hij aangekleed, hij staat te popelen om naar mama te gaan. Eindelijk gaat de dokter weg, hij praat nog even met papa bij de voordeur. ‘Pap?’, mag ik nu naar mama toe?. ‘Ja, dat is goed, heel eventjes hoor, dan maak ik vast een boterham klaar, als ik zo roep kom je naar beneden om te eten.’ ‘Dat is goed,’ zegt hij en is al op weg naar de slaapkamer van papa en mama. Tom duwt de deur van de slaapkamerdeur een klein stukje open en kijkt met zijn hoofd naar het bed waar mama in ligt. Mama ziet, Tom, en steekt haar hand naar hem uit. ‘Ha lieverd, zegt ze zacht, kom eens even hier.’ Ze trekt hem naar zich toe en geeft een kus op zijn voorhoofd. ‘De dokter is net geweest, zegt ze, vandaag wordt je broertje of zusje geboren.’ Tom kijkt glunderend naar haar op en zegt: ‘ik weet het, papa heeft het net tegen me gezegd.’ ‘Tussen de middag, gaat mama verder, wordt je nu door opa en oma van school gehaald Tom omdat papa vandaag bij mama moet blijven om haar te helpen. Dat begrijp je toch he knul?’ Tom knikt naar mama, hij had eerder met mama afgesproken dat als zijn kleine broertje of zusje geboren zou worden Tom een dagje naar opa en oma zou gaan. ‘Maar….. zegt mama, als de baby geboren is dan komt papa je ophalen en kun je de baby gaan bewonderen. Afgesproken?’ Tom knikt ja en zijn ogen stralen. ‘En dan gaan we eerst nog een cadeautje voor de baby kopen en dan kom ik naar jou en de baby toe? ‘Dat is een goed idee Tom, ga jij samen met papa maar een mooi cadeautje voor de baby uitzoeken. Ik ben benieuwd.’ Papa roept dat Tom moet eten, gauw drukt Tom een zoen op de mond van zijn mama en zegt: ‘dag mam, ik ga nu hoor, tot straks.’ ‘Tot straks jongen, doe je best maar goed op school,’ Terwijl hij naar de trap rent roept hij nog: ‘doe ik mam, doeiii’. Als Tom even later met zijn vriendje en zijn moeder op school komt, rent hij naar zijn klas toe om de juf het nieuws te vertellen. Ze begrijpt dat Tom een beetje uit zijn doen is, het is natuurlijk best wel spannend, je krijgt tenslotte niet elke dag een nieuw broertje of zusje. ‘Weet je Tom zegt ze, je mag straks iets moois voor de baby maken, dan kan je straks als de baby er is het cadeautje geven.’ Tom zijn ogen beginnen te glimmen, ‘ja, leuk juf’, zegt hij. ‘Na het kringgesprek en het voorleesverhaal zal ik eens wat moois voor jou op zoeken om te maken, okay?’ ‘Nu, en haar

stem wordt harder om de andere kindjes ook te bereiken, gaan we met zijn allen eerst in de kring zitten en worden we allemaal heel stil.’ Later op de ochtend is Tom druk met het werkje dat de juf heeft opgezocht. Hij mocht een mooie borduurkaart uitzoeken en is daar nu druk mee bezig. Hij is al bijna klaar en ziet trots hoe mooi de kaart wordt.

Op de kaart staat een wieg en je ziet er een kindje in liggen. Onder de wieg staat geschreven: Welkom lieve baby. De juf heeft het net nog aan hem voorgelezen. Als de kaart klaar is kleurt Tom de kaart nog mooi verder af en zet hij onder de tekst: van Tom. De juf pakt de kaart mooi voor hem in met cadeaupapier en zet met een dikke viltstift op het cadeautje: Voor de baby. ’Zo, zegt de juf, als dat geen mooi cadeau is? Ik ben benieuwd wat mama en de baby hiervan vinden.’ Als Tom om twaalf uur uit school komt staan opa en oma al op hem te wachten. Hij rent naar ze toe en stort zich in opa en oma’s armen. Ze geven hem een kus en knuffelen hem. Oma pakt het cadeautje van Tom aan en leest: Voor de baby. ‘Is de baby er al?’ vraagt Tom gelijk. ‘Nee, zegt oma, vind jij het ook zo spannend?’ Tom knikt en hij denkt aan mama. Hoe zou het nu met haar zijn? Hij weet dat de baby die in haar buik zit er uit moet komen, maar hoe gaat dat eigenlijk? Als hij straks bij mama en de baby is zal hij dat toch eens aan haar vragen. Bij opa en oma thuis eet hij wel twee boterhammen en drinkt hij ook nog eens een glas melk. ‘Wil je ook nog fruit?’, vraagt oma. Tom knikt en wijst naar de mandarijn die op de fruitschaal ligt. ‘Tsjonge, jonge, zegt opa, jij hebt honger.’ ‘Ja, zegt Tom, mama zegt dat ik goed moet eten, anders wordt ik niet groot en sterk en kan ik niet goed voor de baby zorgen.’ ‘Natuurlijk, zegt opa met een lach, wat ben ik toch dom dat ik daar niet aan dacht.’ Plotseling gaat de telefoon, oma neemt hem op met haar naam en zegt: ‘o, wat fijn, is alles goed gegaan? O, geweldig wat ben ik blij voor jullie.’ Even is het stil voordat oma weer zegt: ‘okay, ja dat is goed, ja, ik vertel het aan Tom. We zien elkaar dan straks. Okay….., dag, dag.’ Tom veert op en rent naar oma toe en kijkt haar vragend aan. ‘Dat was papa he, oma?’ Oma knikt blij. ‘En weet je wat hij zei?’ ‘Nou?’ zegt Tom ongeduldig. ‘Dat…… en ze stopt even,  mama een baby heeft gekregen’. ‘Yes, gilt Tom en rent gelijk met zijn armen in de lucht een rondje om de eettafel heen. Hij is door het dolle heen. Plotseling stopt hij en vraagt: ‘Wat is het eigenlijk geworden een broertje of een zusje?. ‘Je hebt een lief klein zusje gekregen en ze heet Bente.’ zegt oma. Even is het stil, opa en oma zien Tom nadenken, maar opeens zegt hij: O…., dat is natuurlijk ook goed. En hij rent nog een rondje om de eettafel en zingt: ‘Ik heb een zusje, ik heb een zusje.’ Als Tom weer een beetje rustiger is geworden vertellen ze hem dat hij vanmiddag uit school weer door papa opgehaald wordt en dat ze dan samen eerst een cadeautje voor de baby zullen gaan kopen. Opa en oma gaan al wat eerder naar mama en de baby toe en dan zullen ze elkaar vanmiddag bij Tom thuis ook nog even zien. Tom vindt het allemaal goed, maar vindt het ook wel jammer dat hij nu nog zo lang moet wachten om zijn kleine zusje te kunnen zien. Maar oma zegt dat mama toch eerst even moet uit rusten en  moet slapen van de bevalling van de baby, dus dat het eigenlijk wel goed uitkomt dat Tom eerst nog eventjes naar school gaat. Nu kan hij gelijk aan de juf en de kindjes op school vertellen dat hij een zusje heeft gekregen. Dat vindt hij toch ook wel een goed idee. ‘Okay, zegt opa en geeft

hem een tik op zijn bil, kom op, kom op grote broer dan breng ik je naar school.’ Tom rent naar zijn jas en schoenen en zit in een mum van tijd in de auto van opa.Als Tom op het schoolplein afscheid heeft genomen van opa, rent hij naar zijn klas toe, om het blijde nieuws te vertellen. ‘Juf’, zegt hij hijgend. ‘Doe eens rustig Tom’, spreekt de juf hem een beetje bestraffend toe, ‘er is toch niets ergs gebeurd?’ Tom schudt met zijn hoofd van nee en zegt er gelijk met een stralende lach achteraan: ‘Ik heb een zusje gekregen, juf…. O, zegt de juf nu begrijp ik waarom je zo’n haast had, je wilde dit natuurlijk heel gauw aan ons vertellen. Tom knikt trots van ja en ziet dat de kinderen uit zijn klas om hem heen komen staan. Ze willen opeens van alles weten van Tom. ‘En’, zegt de juf, ‘heb je je kleine zusje al gezien?’ ‘Nee nog niet. Ze is rond half één vanmiddag geboren en toen belde papa naar opa en oma om te vertellen dat het geboren was. Mama moet nu eerst uitrusten en vanmiddag uit school ga ik eerst met papa nog een cadeautje kopen voor Bente’. ‘Heet je zusje Bente?’, vraagt de juf en weer knikt Tom van ja. ‘Wat een mooie naam heeft je zusje gekregen, die naam heb ik nog niet zoveel gehoord,’ zegt de juf weer. ‘Juf?’ mengt Rosaline zich in het gesprek, ‘kunnen we met de klas niet een leuk cadeau voor het zusje van Tom maken?’ ‘Wat een goed idee Rosaline, zegt de juf, zullen we dat dan vanmiddag gaan doen met elkaar?’ De klas is gelijk enthousiast. ‘Dat gaan we dan doen, zegt ze. ‘Ik denk dat we een mooi schilderij voor Bente gaan maken. Jullie weten dat er op dinsdag middag altijd in groepjes gewerkt wordt, dat wil ik deze middag ook gewoon doen, maar vanmiddag roep ik elke keer een groepje bij me en dan mogen de kinderen om de beurt hun handafdruk met vingerverf op een groot stuk karton zetten en hun naam onder de handafdruk zetten. ‘Ja ,dat is leuk,’ roept Robin en hij krijgt bijval van de andere kinderen. Later op de middag als het schilderij af is laat de juf het aan de kinderen zien. En En alle kindjes roepen: ‘oooooh’.  ‘Wow, heeft langs het karton een mooie lijst gemaakt van behangrand en tussen deze behangrand zijn alle handjes met namen van de kinderen te zien in verschillende kleuren. Het is net of de handjes naar je zwaaien. Ook heeft de juf nog op het schilderij gezet: ‘Welkom Bente van alle kinderen uit klas 2b’.’Hoe vind je het geworden Tom?’, en ze

kijkt hem aan. ‘Echt super mooi, zegt hij blij en trots, ik weet zeker dat mama dit op Bente haar kamer gaat hangen.’ ‘Dat denk ik ook’, zegt de juf voldaan, we laten hem nog even verder drogen dan rol ik hem straks mooi op en doe er een roze strikje aan. Dan heb je twee cadeaus om te geven aan je zusje.’ ‘Drie….,zegt Tom, want straks uit school ga ik nog een cadeautje kopen met papa voor Bente.’ Toe, maar, zegt juf met een knipoog, Bente is nog maar net geboren en nu wordt ze al zoveel verwonnen door haar grote broer.’Als Tom uit school komt staat papa inderdaad op hem te wachten, hij vangt Tom op in zijn armen. ‘Je hebt een zusje Tom, zegt hij tegen hem, een lief klein zusje ze is zo mooi, ze heet Bente en ze heeft kleine zwarte haartjes.’ Tom duwt verlegen zijn hoofd tegen papa zijn schouders aan. ‘Kom we gaan gauw een cadeautje voor haar kopen en dan mag je haar eindelijk zien.’ Hij zet Tom op de grond, pakt zijn hand en samen lopen ze naar de auto toe. In de speelgoedwinkel heeft Tom nu geen tijd om voor zichzelf te kijken, hij wil gauw een cadeautje kopen en dan snel naar zijn kleine zusje toe. ‘Kijk, zegt papa, dit is een mobile voor aan de box, als Bente in de box ligt kun je aan een knopje draaien en dan gaan de speeltjes die aan de mobile zitten rond draaien en kan ze er met haar handjes naar grijpen.’ Tom kijkt aandachtig naar de doos waarop de mobile staat, hij ziet er bekende figuren van Sesamstraat aan hangen, Ienie Mini, Tommie, Pino en Purk. Dat zal Bente wel mooi vinden, denkt hij. Bij de kassa rekenen ze af en wordt het cadeau mooi ingepakt. Als papa eindelijk de auto bij hun huis parkeert, hoort papa, een diepe zucht. Hij geeft Tom voor de tweede keer vandaag een aai over zijn bol, ‘Wat een spannende dag he jongen?’ Kom maar gauw, we gaan naar mama en Bente toe die liggen vast op ons te wachten. Papa pakt het cadeau van de klas en het andere cadeau dat ze net hebben gekocht in de winkel. Opa en oma zitten onder al te wachten. Ze zitten samen koffie te drinken. Oma staat op en duwt Tom het cadeautje dat hij die morgen op school gemaakt heeft in zijn handen. ‘Ga maar gauw naar mama, zegt ze, ze ligt samen met je zusje op jou te wachten.’ Tom vliegt naar boven en duwt weer net zoals vanmorgen de slaapkamerdeur zachtjes open. Hij ziet mama in bed liggen met de baby in haar armen.

Bij haar staat een zuster, zij ziet Tom het eerst. ‘Kijk eens wie we daar hebben?’, zegt zij tegen mama maar vooral tegen de baby.’ Ze loopt ondertussen naar Tom toe. ‘Ik zie je grote broer bij de deur staan.’ Mama draait zich om naar Tom. ‘Hallo lieverd, kom eens bij je zusje kijken,’ zegt ze glimlachend. Tom loopt een beetje verlegen naar mama toe en kijkt naar de zuster. ‘Hallo Tom, zegt ze, ik ben zuster Annet en ik zorg de komende dagen totdat mama weer is uitgerust, voor haar en je zusje, maar natuurlijk ook voor Bente.’ Mama begrijpt dat wel, ze pakt het uit en roept: ‘O, wat lief, Tom wat heb je dat mooi gedaan, prachtig, deze hangen we boven de wieg van Bente, dan kan iedereen zien hoe blij je met je zusje bent,’ en ze geeft hem een dikke kus op zijn voorhoofd.Tom staat te stralen en vindt het fijn dat mama zijn zelfgemaakte cadeau zo mooi vindt. Ze laat de kaart aan de zuster zien en die zegt; Ik zie het al, Bente heeft niets te klagen met zo’n lieve grote broer.’ Niet veel later als de zuster weer naar beneden is gegaan komt papa met de twee andere cadeaus de slaapkamer binnen en geeft Tom het cadeau van de klas aan mama. Ook dit cadeau vindt ze prachtig. ‘Die kan mooi aan de muur hangen bij de commode,’ reageert ze. ‘Ook het derde cadeau van papa en mij is voor de baby’, zegt Tom en voelt zich een beetje schuldig dat mama nog helemaal geen cadeautje voor haar zelf heeft gehad. Daar heeft hij helemaal niet aan gedacht. Met het derde cadeau is mama ook heel blij, ’dat komt goed uit voor als ze in de box ligt, zegt ze, dan heeft ze iets om naar te kijken en ze kan er ook met haar handjes naar grijpen. Heel leuk hoor. Hartelijk bedankt namens Bente.’ Papa haalt uit de badkamer nog een vierde cadeau. ‘Deze is speciaal voor mama,’ zegt hij als hij de slaapkamer weer in loopt. Een grote vaas met witte lelies en rozen zet hij op het nachtkastje van mama en geeft haar een tedere zoen. Mama leest het kaartje dat aan de bloemen hangt voor: ‘Voor mijn lieve vrouw en mama van wie wij ontzettend veel houden. Love You van: Ivo, Tom en Bente. Tom ziet dat mama het er even moeilijk mee heeft, ze wrijft langs haar oog maar even later toont ze een blijde lach naar papa en Tom en kijkt ze op haar arm naar Bente die nog tevreden ligt te slapen. Papa geeft mama ook nog een klein cadeautje.

‘Ook nog voor mij?’, zegt ze. ‘Ook nog voor jou,’ is alles wat papa zegt. Ze pakt het uit en in het doosje ligt een mooie gouden ketting met een hartje met drie mooie diamantjes erop. Ze draait het hartje om en leest nog een keer: Ivo, Tom en Bente. Nu stroomt er een traan over haar wang, ziet Tom. ‘Mama niet huilen,’ zegt Tom hij vindt het maar niets dat mama huilt. ‘Mama huilt van geluk Tom.’ zegt papa. Tom heeft dat nog nooit gezien meestal huil je toch als je verdrietig bent. Hij aait zijn zusje voorzichtig en even lijkt het of ze schrikt maar ze slaapt toch weer door. ‘Heel gelukkig’, zegt mama en ze pakt papa’s hand vast. ‘Tijd voor koffie,’ roept oma terwijl ze met een dienblad koffie en een glas limonade naar binnen loopt. Opa komt er achter aan met een bord beschuit met roze muizen erop. Gelukkig, denkt Tom dat papa wel aan mama heeft gedacht, hij klimt op het bed van papa en mama en vleit zich lekker tegen zijn mama aan terwijl hij zijn zusje scherp in de gaten houdt. En denkt bij zich zelf, dit was een hele spannende dag maar hij heeft wel een heel lief klein zusje gekregen.

Bertha de Bruin Klop